Criteria voor financiering van het Ervaringsprofiel

Het kabinet heeft in het kader van de aanpak van de crisis in de zomer van 2009 een stimuleringsmaatregel EVC in het leven geroepen. Met deze maatregel stelt het kabinet extra middelen beschikbaar aan het UWV voor de inkoop

van EVC-trajecten en EVP-trajecten. Hier wordt beschreven welke criteria gelden bij de inkoop van EVC en EVP door het UWV. Alleen als aan deze criteria wordt voldaan komt het EVC- of EVP-traject in aanmerking voor de vergoeding uit het budget van stimuleringsmaatregel EVC.

 

EVC is een inmiddels bekende dienst van erkende EVC-aanbieders, waarbij werkervaring gewaardeerd wordt ten opzichte van een landelijke standaard en beoordeelde competenties weergegeven worden in een ErVaringsCertificaat. Het ErVaringsProfiel is een kortere en snellere versie, waarin relevante ervaring systematisch inzichtelijk gemaakt en beschreven wordt. Dit gebeurt onder deskundige begeleiding van een erkend EVC-aanbieder. Verschil met EVC is dat bij een ErVaringsProfiel het assessment achterwege blijft en er geen ErVaringsCertificaat verstrekt wordt. Voor kandidaten voor wie het niet noodzakelijk is dat hun competenties ook daadwerkelijk bewezen worden is EVP een uitkomst. In een vrij eenvoudige procedure krijgen zij inzicht in de waarde van hun ervaring zonder een uitgebreid en duurder assessment. Blijkt nadien dat een assessment toch wenselijk of noodzakelijk is, dan kan dat eenvoudig worden toegevoegd omdat het EVP zo is opgezet dat het naadloos aansluit op een vervolg met een EVC-assessment en ErVaringsCertificaat. Er hoeft dan niet een heel nieuw EVC-traject te worden gestart, het assessment volstaat dan.

 

Doelgroep

De doelgroep waar de stimuleringsmaatregel van het kabinet op is gericht bestaat uit:


a. met ontslag bedreigde werknemers zonder startkwalificatie;
b. werknemers zonder startkwalificatie die werkzaam zijn op grond van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd waarvan de overeengekomen duur zou eindigen op het tijdstip waarop zijn huidige dienstbetrekking is ingegaan, dan wel in de periode van vier maanden onmiddellijk na aanvang van zijn huidige dienstbetrekking;
c. werknemers zonder startkwalificatie die werkzaam zijn op grond van een uitzendovereenkomst;
d. werknemers zonder startkwalificatie die werkzaam zijn op grond van een 0-uren-overeenkomst.

 

Naast deze doelgroepen kan het UWV ook EVP-trajecten en EVC-trajecten inkopen voor werkzoekende of met ontslag bedreigde cliënten die al wel in het bezit zijn van een startkwalificatie. Betaling van dergelijke trajecten gaat echter niet ten laste van het budget van de kabinetsmaatregel, maar ten laste van het reguliere re-integratiebudget.

 

Criteria

Voor EVC zijn de criteria waaraan het moet voldoen vastgelegd in de landelijke EVC-code. Alle erkende aanbieders handelen conform die code. Voor EVP is dat (nog) niet zo geregeld. Voor de inkoop van EVP hanteert het UWV een aantal criteria waaraan moet worden voldaan om voor vergoeding in aanmerking te komen:


1. Werken met een erkende, landelijke EVC-standaard als structurerend principe voor het portfolio
Veel deelnemers kunnen of willen bij de start van een EVP- of EVC-traject nog niet direct een keuze maken voor een specifieke standaard. Een brede, meer open benadering bij de start van het traject. kan dan nuttig zijn om tot goede loopbaankeuzes te komen. Later in het traject wordt een loopbaankeuze gemaakt die wel aansluit op een landelijke standaard. Ook bij EVP geldt dat de in het EVP-portfolio opgenomen ervaringsproducten en beschreven competenties uiteindelijk geordend moeten zijn conform de structuur van de toegepaste landelijke EVC-standaard. EVC-standaarden zijn landelijk erkende standaarden, zoals Crebo-kwalificaties, Croho-profielen en branchekwalificaties. Als de loopbaankeuze van de kandidaat daar aanleiding voor geeft kunnen ook combinaties van standaarden worden gemaakt of specifieke (functie-eigen) competenties worden toegevoegd.

2. Deskundige begeleiding bij het samenstellen van een portfolio
De deelnemer krijgt deskundige begeleiding bij diens EVP-traject en bij het samenstellen van het portfolio. De begeleider voldoet aan de eisen die op grond van de kwaliteitscode EVC gelden. De begeleider helpt de deelnemer bij het selecteren, ordenen en presenteren van diens relevante ervaringen en ervaringsproducten in het portfolio. De begeleider waarborgt dat het portfolio dat de deelnemer samenstelt beoordeelbaar is bij een eventueel vervolg met een EVC-beoordeling door assessoren

3. Resultaat EVP = portfolio + korte, inzichtelijke rapportage
Het tastbare resultaat van een EVP-traject bestaat uit:
a) een compleet en beoordeelbaar portfolio, waarin de ervaringen en ervaringsproducten van de deelnemer inzichtelijk maken over welke competenties uit de betreffende landelijke standaard de deelnemer beschikt;
b) een korte rapportage, die in ieder geval snel en overzichtelijk duidelijk maakt welke competenties, van welke landelijke standaard, in het portfolio van de deelnemer inzichtelijk worden gemaakt. Een format EVP-rapportage is hiervoor beschikbaar als handreiking.

4. EVP-resultaat is direct bruikbaar voor beoordeling in het kader van EVC en het verkrijgen van een Ervaringscertificaat
Het portfolio en de korte rapportage die het resultaat zijn van het EVP-traject dienen direct, dus zonder nadere aanvullingen en bewerkingen, bruikbaar te zijn in het kader van EVC. Het portfolio dient dusdanig te zijn dat assessoren het portfolio direct kunnen beoordelen. Het portfolio-assessment, aangevuld met criteriumgericht interview en eventueel aanvullende assessments, moet direct kunnen leiden tot een Ervaringscertificaat.

5. Dienstverlening alleen door erkend EVC-aanbieders
UWV koopt EVC-trajecten alleen in bij erkende EVC-aanbieders, opgenomen in het landelijke EVC-register.
 
Financiën
Het UWV betaalt 100% van de werkelijke kosten voor EVC/EVP indien het een onderneming betreft met minder dan 25 werknemers, tot een maximum van € 1300 voor een ervaringscertificaat en € 600 voor een ervaringsprofiel.

Is sprake van een onderneming groter dan 25 werknemers, dan betaalt de werkgever 50% van de werkelijke kosten voor EVC/EVP. UWV de betaalt de andere 50% van de werkelijke kosten, tot een maximum van € 650 voor een ervaringscertificaat en maximaal € 300 voor een ervaringsprofiel.

Het UWV kan met werkgevers van ondernemingen met meer dan 25 werknemers afspraken maken over het geheel of gedeeltelijk vergoeden van de bijdrage van de werkgever, Bij het geheel voor rekening nemen van de werkelijke kosten door het UVW geldt het maximum van € 1.300 voor een ervaringscertificaat en € 600 voor een ervaringsprofiel.

Het Ervaringsprofiel is niet fiscaal aftrekbaar. Voor het Ervaringscertificaat zijn wel fiscale faciliteiten. Worden de kosten voor het Ervaringscertificaat geheel of gedeeltelijk vergoed door het UWV, dan kan echter geen aanspraak worden gemaakt op deze fiscale faciliteiten. Er zijn geen dubbele vergoedingen voor EVC/EVP mogelijk.